Archeologische Club Oldenzaal

Geschiedenis


Oldenzaal is een van de Twentse steden met een belangrijk en aantrekkelijk archeologisch verleden. Oldenzaal was omstreeks het jaar 1000 zowel kerkelijk als wereldlijk de hoofdstad van Twente. Uit oude kaarten van o.a. 1605 en 1626 blijkt dat Oldenzaal als enige stad in Twente “wel bevestigd en bemuurd” was. Voorzien van een dubbele gracht, stadsmuur en 9 bastions was het een machtig bolwerk dat vele malen aangevallen en veroverd is.
   
  


Toen wij in 1996 begonnen met opgraven in Oldenzaal heerste hier een cultuur van “er zit toch niets meer”. Dit werd o.a. toegeschreven aan de zuinige Twentenaar die in het verleden alle bruikbare bouwmaterialen uit de grond had gehaald voor hergebruik. Daarbij komt dat Oldenzaal grotendeels op keileem is gebouwd, waardoor er weinig verzakkingen plaats hebben gevonden in de bodem. Men ging er dan ook van uit dat oude materialen als funderingen er al uit waren gehaald voordat er met een nieuwbouw werd begonnen.


Met onze opgravingen hebben we echter bewezen dat de Oldenzaalse bodem bijzonder rijk is aan waardevolle archeologische monumenten. Zo hebben wij in 1996 een praktisch complete fundering teruggevonden van de Middeleeuwse Gasthuiskerk aan de Gasthuisstraat. En van 1996 tot 1998 is er op het terrein van de voormalige Radboud Mavo een compleet Middeleeuws klooster opgegraven; het Agnesklooster. Deze unieke opgraving heeft niet alleen veel nieuwe inzichten opgeleverd in de geschiedenis van de stad, maar er ook voor gezorgd dat archeologie bij alle bouwprojecten in Oldenzaal vanaf 1998 een grote rol speelt.